Spring naar inhoud
Contact

Nood breekt geen wet in coronatijd

Datum
Leestijd
3 minuten
door
Robert van der Velde

Begrijp mij goed, ik denk dat alle door de overheid aangekondigde maatregelen in deze coronacrisis meer dan nodig zijn. Maar als ik er door mijn bestuursrechtelijke bril naar kijk en de trieste aanleiding weg denk, dan lijken het de ingrediënten voor een staatsgreep: noodwetgeving, bijeenkomsten worden verboden en de rechtbanken zijn dicht.

Toch zijn alle (vrijheids)beperkende maatregelen nog steeds gebaseerd op gewone wetgeving, regels, zij het dat het gaat om wetten die verreweg de meeste juristen – gelukkig – nog nooit van binnen hebben gezien.

Noodtoestand

Allereerst een geruststelling: de beperkte of algemene noodtoestand uit de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden is nog niet van kracht. Zou dat wel gebeuren, dan treden allerlei noodwetten in werking en kan de regering, buiten het parlement om, verregaande maatregelen treffen en verschijnen militairen op straat. In veel Europese landen is dat al het geval, met Hongarije als meest verstrekkend voorbeeld.

Wet publieke gezondheid en Wet veiligheidsregio's

De aangescherpte maatregelen die vanaf 23 maart 2020 van kracht zijn beperken de bewegingsvrijheid van burgers, maar de status van “noodtoestand” is daarvoor nog niet nodig. Misschien wel als die maatregelen voor langere tijd gaan duren of nog ingrijpender worden (‘binnen blijven’).

De huidige beperkingen zijn opgenomen in noodverordeningen van de voorzitters van de 25 veiligheidsregio's. De voorzitter van de veiligheidsregio is over het algemeen de burgemeester van de grootste gemeente in die veiligheidsregio (in Groningen dus de burgemeester van Groningen, K. Schuiling). Deze 25 superburgemeesters hebben – in overleg met het kabinet – de teksten van die verordeningen onderling afgestemd, zodat overal in Nederland dezelfde regels gelden. De bevoegdheid om deze verordeningen te maken ontlenen de superburgemeesters aan de Wet veiligheidsregio’s en de Gemeentewet (voor zover het gaat om openbare orde taken) en de Wet publieke gezondheid (voor zover het gaat om het bestrijden van infectieziekten). Verder kunnen de superburgemeesters aanwijzingen geven en gebieden aanwijzen waar bijzondere beperkingen of regels gelden.

Handelen in strijd met een noodverordening of aanwijzing is strafbaar en kan worden beboet met – zo weten we sinds de persconferentie van 23 maart 2020 – forse boetes. Los daarvan kan de politie (of kunnen buitengewone opsporingsambtenaren) ook feitelijk optreden tegen overtredingen, bijvoorbeeld door personen te sommeren zich te verwijderen of zo nodig met de wapenstok samenkomsten te beëindigen. Al zal het zover naar ik hoop in de praktijk niet hoeven te komen.

Hamsterwet

Als docent bestuursrecht maakte ik in werkgroepen jarenlang grappen over de Hamsterwet. Er waren altijd wel studenten die dachten dat die wet werkelijk over hamsters ging, in plaats van over hamsteren. Zo grappig is het intussen niet meer. In noodsituaties kan de Minister van Economische Zaken en Klimaat op grond van de Hamsterwet regels stellen om het hamsteren van goederen tegen te gaan.

Daar waren we vorige week vlakbij, maar gelukkig was en is de voedselvoorziening niet zodanig in gevaar dat jij en ik, voor het eerst sinds de jaren veertig van de vorige eeuw, de toepassing van de Hamsterwet moeten meemaken.